Uurstanden

CEE-contactmateriaal voor bedrijfsspanningen tot 50V

Uurstelling van de aardcontacten

Bij contactmateriaal boven 50V moet een aardcontact aanwezig zijn. Contactdozen zijn van een sparing en contactstoppen van een nok voor onverwisselbaarheid voorzien, waarbij de contactpen c.q. de contactbus voor de aarde bij iedere geëiste elektrische waarde een bepaalde stand t.o.v. de onveranderlijke stand van de in de beschermkraag aangebrachte nok c.q. sparing inneemt. De verschillende uitvoeringen zijn naar de uurstand genoemd, conform tabel 104 van de EN 60309-2:1999 (zie de tabel - onder). Ongewenst foutief, gevaar veroorzakend, in elkaar steken is hierdoor onmogelijk, omdat de contactstift voor de aarde een  grotere diameter heeft dan de fase/nul contactstiften, en daardoor niet in de fase/nul contactstiften ingestoken kan worden. Het mag de gebruiker niet mogelijk zijn de uurstand van het aardcontact te veranderen. Ook moet het onmogelijk zijn het binnenwerk van een contactstop uit te wisselen met dat van een contactdoos of koppelcontactstop.

Uurstanden volgens EN 60309-2:1998, serie I (Europa)
Uurstelling van de aardcontacten tbv de onverwisselbaarheid voor verschillende spanningen en frequenties. De kenkleuren komen overeen met de nominale bedrijfsspanning.


* uurstanden zijn niet genormeerd en daardoor vrij beschikbaar voor bijzondere toepassingen van contactmateriaal.

Uurstanden volgens tabel 104 uit EN 60309-2:1999


*   Apparaten uit de serie II genieten de voorkeur bij gebruik in Amerika en Canada.
De stroomsterkten 20A, 30A, 60A en 100A gelden voor apparaten uit de serie II.

1   De uurstand van het aardcontact is volgens het ingevulde getal.
2   Hoofdzakelijk gebruikt in scheepsinstallaties.
3   Alleen voor koelcontainers (genormeerd door ISO).
De met streep (-) aangeduide standen zijn niet genormeerd.

Voorbeelden: Aanzicht voorkant contactdoos

400V = 6h

230V = 9h

FacebookLinkedInTwitterXingYoutubeGoogle+